Buiten Gewoon Fijn
InnoBeweegLab gaat voor ‘Buiten Gewoon Fijn’: hoogwaardige publieke buitenruimtes die vanzelfsprekend en voor iedereen leuk en prettig zijn om te verblijven. De logische vervolgvraag is dan: ‘hoe realiseer je deze buitengewoon fijne plekken en buurten?’
Ik vond daarbij recent de nodige inspiratie in het boek ‘Hart Hoofd Handen’ van Rinske Brand [1]. Deze ‘gids voor stadsmakers’ focust weliswaar op de lessons learned bij de realisatie van culturele broedplaatsen, ik raakte geïntrigeerd door de grote overeenkomsten daarvan met de ontwikkelvraagstukken voor de publieke buitenruimte:
- er is een harde noodzaak dat beleid en bewonersinitiatieven elkaar versterken (top-down needs bottom-up – en vice versa)
- er is een harde noodzaak om vanaf het begin alle stakeholders te betrekken (opdrachtgevers, ontwerpers, uitvoerders, leveranciers, gebruikers)
- er is een harde noodzaak om maatschappelijke bijdragen beter te waarderen (value case denken versus business case denken)
- er is een harde noodzaak om te programmeren (zonder activatie geen leven in de stenen)

